Home  -> Nieuws Leeg plaatje
Brief aan God
 

Lieve God,

 

Het is me wat, dat vergeven!

Eerlijk gezegd, ik heb mijn hierover mijn twijfels.

Want weet u, God, ik heb moeite met vergeven.

Nee, niet de kleine dingen, daar stap ik zo overheen, ik vergeet ze zelfs.

Maar de waarheid is, sommige dingen kan ik gewoon niet vergeven.

Die zijn te pijnlijk, te verdrietig, een te zware last om te dragen.

Ik kan ze nu niet vergeven en ik ben soms bang dat ik het nooit zal kunnen.

Ik weet niet eens wat het is, vergeving.

Is het zeggen dat dan alles ineens goed is? Dat kan ik niet hoor.

Moet ik wie me zoveel pijn heeft gedaan een knuffel geven,

als dank, omdat ik er uiteindelijk sterker van ben geworden?

Nee, dat gaat me ook te ver.

Is het zeggen: ik begrijp wat je gedaan hebt en nu kan ik ermee leven?

Of is het loslaten, alsof er niets gebeurd is?

Sommige anderen kunnen het, zeggen ze.

Maar voor mij, God, is het iets onmogelijks.

 

Het is niet dat ik het niet wil, God.

Ik voel me soms gevangen in mijn haat, mijn woede, mijn verdriet en pijn.

Daar wil ik graag vanaf, ik wil vrij zijn, liefst nu meteen!

Maar ik kan het niet.

Ik probeer het wel, en soms slaag ik erin iets te vergeven.

Maar dan komt na een tijdje de herinnering en de pijn weer bovendrijven,

en dan heb ik het gevoel weer helemaal terug bij af te zijn.

Waar doe ik het dan nog voor?

 

En het gaat echt niet alleen om anderen hoor, God.

Soms heb ik weer een slechte dag, en ik kijk dan 's avonds in de spiegel.

Dan vraag ik me wel eens af: 'Wie ben ik eigenlijk?'

Want ik herken mezelf niet, niet wie ik diep van binnen ben.

En ik vraag me dan af hoe ik in Gods naam ... sorry ... in Uw naam,

hier terecht ben gekomen.

En eerlijk gezegd, God, ik weet het niet.

Ik weet wel wat ik verkeerd heb gedaan,

maar hoe het begonnen is, hoe het zover heeft kunnen komen ...

ik weet het echt niet.

En dan, lieve God, weet ik niet eens of ik mezelf wel kan vergeven.

... dat ik hier ben en niet bij mijn kinderen die me nodig hebben.

... dat ik niet bij mijn zus kon zijn toen ze stervende was, en niet bij haar begrafenis.

... dat ik de tranen achter de ogen van mijn vader zie, als hij hier op bezoek is, en zijn 'kleine meid' gewoon even vast wil houden en niet loslaten.

... dat mijn man me zo mist en bij zijn beste vriend heeft zitten huilen.

Hoe kan ik mezelf vergeven, God?

 

Nee, God, ik kan er niet bij dat het zo eenvoudig zou zijn.

En ik wil er ook niet bij, want soms, heel soms,

vind ik het zelfs fijn om de pijn even te voelen.

Dan weet ik weer wat echt belangrijk voor me is, wat ik zo vreselijk mis,

en mijn verlangen ernaar is de grootste pijn. Dat onstilbare verlangen.

 

Echt, God, alles vergeven en ook nog eens in één keer, dat gaat me niet lukken.

Voor het geval het u ontgaan mocht zijn: ik ben ook maar een mens!

Daarom stel ik een deal voor, God.

Als ik nou eens begin met de eerste kleine stap en een stukje vergeef,

en u komt, bij elke stap van mij, ook naar mij toe,

(liefst met een heel grote stap, u hebt vast grotere voeten dan ik) ...

Volgens mij moeten we dan uiteindelijk heel ver komen.

Misschien wel het hele eind, ongeveer zeventigmaal zevenmaal ver.

En Jezus heeft toch eens gezegd dat hij ons zou helpen?

Het is een serieus voorstel, God, ik meen het.

Ik stel voor dat u er over nadenkt en me laat weten of u het ook ziet zitten.

Als ik niets van u hoor, dan ga ik ervan uit dat we een deal hebben.

Zwijgen is toestemmen, toch!

Ik zal echt mijn best doen, God. Bedankt alvast.

 

Liefs, vele gedetineerden.

 

P.s. Als ze dan toch bij u in de buurt zijn, doet u dan mijn lieve groeten aan opa en oma, aan mijn zusje, mijn  vader, aan mijn baby die niet levend ter wereld kwam, aan alle geliefden daar. Zeg ze dat ik van ze blijf houden en ze heel erg mis. Op een goede dag kom ik ook, daar heb ik alle vertrouwen in.

 

Amen

terug

Dinsdag 17 oktober 2017  


Zoeken


Lijn










© 2011 - Dienst Geestelijke Verzorging (Dienst Justitiële Inrichtingen, Ministerie van Veiligheid en Justitie)
      Disclaimer